Eerder maaien gras leidt tot lagere methaanemissie

De onderzoekers onderzochten voor de eerste drie snedes van vorig jaar of het eerder oogsten van gras tot een lagere methaanemissie leidde.
Het vaststellen van de methaanemissie is gebaseerd op het NDF-gehalte van de graskuil. Een hoger NDF-gehalte laat ook een hogere methaanemissie zien. Het NDF-gehalte neemt toe naarmate het gras ouder wordt. Het eerder maaien zou dan tot een lagere methaanemissie moeten leiden.
Voor het onderzoek werd in 2022 op de vijf Koeien & Kansen-bedrijven de helft van de eerste drie snedes eerder gemaaid en in balen gepakt. De andere helft werd op het normale tijdstip geperst. Van twee bedrijven werden uiteindelijk de balen gevoerd aan de koeien op Dairy Campus en op kwaliteit onderzocht.
Op het ene bedrijf bedroeg het verschil in droge stof tussen de oogstmomenten ongeveer 800 kilo droge stof. Bij het andere bedrijf 500 kilo. Ook werd de individuele methaanemissie, melkproductie en voeropname gemeten.
Meer ruw eiwit
Het vroeger oogsten leidde volgens verwachting tot een lager NDF-gehalte, hogere NDF-verteerbaarheid met meer ruw eiwit in de graskuil. De verwachting van de onderzoekers was dat de verschillen in graskwaliteit zouden leiden tot een lagere methaanemissie per kilo meetmelk.
Het aantal waarnemingen per graskuilen van beide onderzochten melkveebedrijven was echter te laag om daar om de verschillen significant te toetsen, geven de onderzoeker aan. Maar de resultaten van alle graskuilen laat wel zien dat een vroeger oogstmoment tot een aantoonbaar lager methaanemissie per kilo meetmelk leidt.
De methaanemissie was gemiddeld 16,4 gram methaan per kilo meetmelk voor de vroege geoogste graskuilen en 17,3 gram methaan per kilo meetmelk voor de graskuilen die op een normaal tijdstip waren geoogst.
De verschillen werden zowel in de eerste als de tweede snede gevonden voor beide bedrijven, maar niet voor de derde snede van een bedrijf. Mogelijk dat de zeer droge omstandigheden ten tijde van de oogst hier een rol in speelden.
Meer onderzoek
De onderzoekers benadrukken dat het onderzoek nog niet volledig is afgerond. Er vindt ook nog aanvullend onderzoek plaats in hoe de betreffende graskuilen in de pens verteren. De resultaten hiervan worden begin 2024 verwacht.

Tekst: Stefan Buning
Geboren en getogen op een melkveebedrijf in de Achterhoek. Sinds 1998 werkzaam als redacteur bij Agrio. Als chef Melkvee is hij samen met zijn team verantwoordelijk voor het kritisch volgen van alles wat er in en om de melkveehouderij in Nederland gebeurt.
Bron: Wageningen Livestock Research