Column: Grote uitdagingen op de boerderij

We kunnen wel stellen dat, wat het oogsten betreft, het een grote uitdaging is. Het is steeds weer een sprong in het diepe wagen. Bij elke keer dat er twee droge dagen achter elkaar worden voorspeld, de vragen: Kunnen we de loonwerker bellen? Hoe hard zal het land opdrogen op die eerste droge dag? Iedereen zit hier op het puntje van zijn stoel. Zodra de weerberichten goed lijken, wil iedereen tegelijk het land op. De loonwerkers zitten met de handen in het haar. Dit jaar doen ze maar eenderde van de oogst per dag dan normaal. Dit gaat wringen in de planning en de afspraken met alle boeren...
Rupswielen
Wij wonen in een dal. Zo gezegd: al het water stroomt naar ons toe. Ons land is zo nat, dat zelfs op onze hogere stukken de hakselaars er niet doorkomen. Eén derde ging zonder problemen en ligt op de kuilplaat, de rest moet nog. Ondertussen is het ons wel duidelijk dat het niet meer gaat lukken zonder rupswielen. Nu heeft onze stageloper uit Nederland een buurman met het een en ander op rupswielen. En na wat geregel, ziet deze buurman het waarschijnlijk wel zitten met het hele gebeuren naar Denemarken te komen. Binnen de korste keren is dit nieuwtje rond in Duitsland en staan er steeds Duitsers op onze stoep: “Ik heb gehoord... ik heb ook nog mais op het land...” Blijkbaar kennen ze hier weinig loonwerkers met zowel de hakselaar als wagens met rupsen.
Stalvoeren
Zeker omdat de laatste grasoogst problemen geeft, overwegen we om volgend jaar te gaan stalvoeren. Hier denken we al een tijdje overna en hebben er al een trekker voor gekocht. Onze overwegingen zijn de volgende punten: te weinig kuilplaten. Er moeten steeds ongeveer twee kuilen op het land. Dat betekent in een nat jaar als dit een grote smeerpartij met veel verlies van voer. Ook willen we de loonwerkkosten beperken. Dit is iedere zomer een aanslag op de bankrekening. Ons voordeel; we hebben hoge en lage stukken grasland. En dit seizoen zou het ons voordeel zijn geweest dat we het mooie gras wat er nu staat, goed zouden kunnen voeren, terwijl het voor de kuil veel te nat zal zijn. Een nadeel zagen we bij de buurman die als een van de weinige Denen ook graast. Hij zat met zijn combinatie vast op het natte land.
Nieuwe dierenarts
We hebben een nieuwe dierenarts, zij is net van school. De praktijk is duidelijk weerbarstiger dan de theorieboeken, want ze heeft de keren dat ze hier was een ervaren collega op moeten roepen. Nu is het vak een zeer moeilijke. Een koe vertelt niet waar het pijn heeft. Ik zeg altijd: “als een boer de oorzaak niet weet, weet de dierenarts het vaak ook niet.” We hebben een koe met een rechtse lebmaagverdraaiing. Een problematische, want de linkse kan goed verholpen worden, maar een rechtse alleen operatief met slechts een slagingskans van 50 procent. Een nieuwe dierenarts werkt nog precies volgens het boekje. Hier meten en daar temperaturen, allemaal volgens protocol maar wel erg tijdvretend. De onervarenheid van de nieuwe dierenarts had dit keer voor ons een voordeel. Ze wilde samen de koe opereren, zodat ze het kon leren. De kosten ervan zouden alleen voor ons zijn wanneer de koe het overleefde en weer op de been kwam. Helaas werd het een geval van operatie geslaagd, patient dood. Evengoed hebben Koos en de twee dierenartsen de koe verder open gehaald en het dier van binnen bekeken. Voor alle partijen een interessante les voor deze dag!