Gehaltenstieren aan kop in de TIP-lijst

In de aprileditie van het vakblad Melkvee werd gemeld dat de TIP bij de augustusdraai zou worden gewijzigd. De Nederlandse Veevebeteringsorganisatie (NVO) laat echter weten met een dusdanig fundamentele verandering bezig te zijn, dat de index in het najaar eerst met de leden moet worden besproken.
Actuele stierenkaarten
In de tabel (klik hier) staan de stieren vooralsnog dan ook gerangschikt volgens de bestaande TIP. Net als anders zijn (bijna) alle stieren terug te vinden op de actuele stierenkaarten van de verschillende KI’s en zijn ze voor een zo eerlijk mogelijke vergelijking omgerekend naar zwartbontbasis. Daarnaast hebben ze in Nederland dochters aan de melk. Dit omdat dit de meest betrouwbare informatie geeft.
Uitslag poll
Zo wordt het ook ervaren op deze site. In totaal 563 mensen stemden op de poll ‘ik gebruik genomicsstieren’, met als antwoordmogelijkheden: 1. Ja, hiermee haal ik de meeste vooruitgang, 2. Ja, ik gebruik ze wel, maar ik twijfel wel eens, 3. Nee, genomicsfokwaarden worden zwaar overschat en 4. Nee, de techniek staat nog in de kinderschoenen, dus ik wacht nog even. De percentages zijn respectievelijk 16, 28, 46 en 10. Oftewel slechts 16 procent is volledig overtuigd van de genomicstechniek, terwijl de rest twijfelt of zelfs ernstige bedenkingen heeft.
Stijgers en dalers
Stieren die sterk stijgen (meer dan 50 punten terrein winnen) bij de overgang van NVI naar TIP, zijn bijvoorbeeld G-Force, Stellando, Jeroen, Ubrox, Redman, Juno, Legend, Jerudo, Big Winner, Manhattan, Talentino, Loydie en Super-Joc. Stieren die sterk (meer dan 50 punten) dalen, zijn Gravity, Mogul, Dorcy, Epic, Shamrock, Jeeves, Gold Chip, Fever, Windbrook, Acme, Goldsun, Bradnick, Aftershock en Sanchez.
Gehalten- versus uierstieren
De groep dalers scoort een gemiddelde NVI van 129 (tegenover een TIP van 42), met een productie van +452 kg melk met -0,17 procent vet en -0,21 procent eiwit, goed voor een gemiddelde Inet van +1. De groep stijgers scoort een gemiddelde NVI van 119 (tegenover een TIP van 179), met een productie van +262 kg melk met +0,24 procent vet en +0,19 procent eiwit, goed voor een gemiddelde Inet van +176. Behalve de veel lagere gehalten, verschillen de groepen stijgers en dalers voor de meest kenmerken niet noemenswaardig. Er is één kenmerk dat wel sterk verschilt en dat zijn de uiers. De groep dalers, oftewel de lage gehalten stieren, vererft een gemiddelde uierscore van 112 tegenover 102 voor de stijgers.
Meer over de TIP-lijst is te lezen in het vakblad Melkvee van zaterdag 29 augustus.
Tekst: Anne Hiemstra