Protection Scan brengt risico’s snel in kaart

Melkveehouder Gerard Sueters uit Ambt Delden hecht aan hygiëne op zijn erf. Mensen die niet in de stal hoeven te zijn, komen er niet in. Anderen moeten eerst laarzen en een overall aan. Er worden geen dieren of mest aangevoerd, aan keuringen doet hij niet mee, machines heeft hij amper in gezamenlijk gebruik.
Kortom: qua gezondheidsmaatregelen is hij goed bezig. Toch scoort hij niet maximaal in de preventiescan die hij zojuist met zijn veearts Hermen Verkerk heeft ingevuld. De digitale analyse wijst een ogenschijnlijk klein puntje aan als grote boosdoener: de kadaverplaats ligt vlakbij de stal.
Aan de openbare weg
„Dat lijkt pietluttig, maar het vergroot het risico op infectieziekten enorm”, verklaart Verkerk. „Je hebt vast wel eens achter een kadaverwagen gereden. Als je die lucht ruikt, weet je genoeg. Je hebt geen idee wat er voor ziektes schuilgaan in die wagen, die nu zo je erf op rijdt.”
De kadaverkap bij de openbare weg leggen, is de simpele oplossing. Al doet Sueters dat liever niet vanwege de drukke verkeersroute. Maar, oppert hij zelf, door wat struiken aan te planten valt het al minder op. Dat wil hij wel doen.
Daarnaast blijkt uit de scan dat de luchtinval bij het jongvee een risico oplevert. Het zeil beter ophangen en de koudste hoek afdichten door daar het stro en zaagsel op te slaan, blijken simpele maatregelen.
Twintig vragen
Het is een voorbeeld van de uitkomsten die de Bovilis Protection Scan geeft. Deze computermodule is door MSD Animal Health ontwikkeld en door De Oosthof, een samenwerkingsverband van dierenartsenpraktijken in de Achterhoek en Twente getest. Het programma analyseert per bedrijf het risico op BVD, IBR en luchtwegaandoeningen (BRD) aan de hand van vijf punten: algemene weerstand, specifieke weerstand (vaccinatie), infectiedruk, insleep van buitenaf (biosecurity) en monitoring.
Een twintigtal vaste vragen worden doorlopen. Pas wanneer ergens een ‘afwijkend’ antwoord wordt gegeven, volgt een gedetailleerdere vragenlijst op dat gebied. Zo blijft de lijst beperkt tot onderwerpen die op het bedrijf ter zake doen, en hoeft het niet langer dan zo’n 20 minuten te duren.
De uitslag toont per ziekte het risicopercentage en de drie sterkste en zwakste bedrijfspunten. Bovendien laat het direct zien wat de nieuwe risicoscore wordt, als die drie aandachtspunten worden aangepakt. Ofwel: hoe lonend het is om maatregelen te nemen.
Leren van varkenshouders
Verkerk en zijn collega Jurgen van Leuteren hebben nu zo’n tien scans afgenomen. Met name op het gebied van ziekte-insleep (biosecurity) valt er nog veel te winnen, valt hen op. Wat dat betreft zouden melkveehouders wel van varkenshouders kunnen leren.
„Bedrijfslaarzen zijn op de meeste bedrijven nu wel gemeengoed. Maar bedrijfsoveralls zijn minder vaak te vinden. En voor buren en familie wordt al snel een uitzondering gemaakt. Terwijl juist een buurman-veehouder die eventjes komt helpen, bacteriën van zijn eigen bedrijf meebrengt.”
Ook de trend om de stal maar voor iedereen toegankelijk te maken, is vanwege biosecurity niet aan te raden. „Natuurlijk is het belangrijk dat mensen kunnen zien wat je doet. Maar daarvoor hoeven ze niet letterlijk tussen de koeien te lopen. Een skybox werkt ook uitstekend.”
„De meeste stallen zijn bovendien zo open dat ze ook van buiten genoeg kunnen zien. Maar uiteindelijk zijn burgers niet degene die snel infectieziekten mee zullen brengen. De genoemde collega zonder bedrijfskleding is een veel groter gevaar.”
Allemaal douchen
Leren van varkenshouders als het om insleep preventie gaat, klinkt serieus. Maar hoe ver willen de rundveeartsen dan in maatregelen gaan? „De aanbevelingen die uit de scan komen zijn natuurlijk niet onmogelijk. Het heeft geen zin om iets te adviseren waarvan we bij voorbaat weten dat een veehouder dat niet gaat doen. Elke bezoeker laten douchen is een brug te ver. Al is dat bij bijvoorbeeld scheerders, die van top tot teen onder het haar zitten, echt geen overbodige luxe als ze op één dag meerdere adressen bezoeken.”
Hoe verregaand de maatregelen dan wel zijn, hangt van de veehouder af. Een advies kan bijvoorbeeld zijn om niet meer met veekeuringen mee te doen. De één zou dat vreselijk vinden, voor de ander is het geen punt. Datzelfde geldt voor het gezamenlijke gebruik van veewagens, bekapboxen, voermengwagens of vangkooien. Nog meer voorbeelden van biosecurity-maatregelen blijken een eigen mestslang voor de loonwerker en eigen materiaalsetjes voor de dierenarts, klauwbekapper en scheerder.
Verbeteringen op andere vlakken die uit de analyse kunnen komen, zijn bijvoorbeeld aanpassingen van de huisvesting, optimaliseren van de afkalfleeftijd bij vaarzen, het verbeteren van de conditie of het starten met vaccineren.
Zien waar je staat
Uiteindelijk is het doel van de Bovilis Protection Scan niet om een veehouder met een stapel maatregelen op te zadelen, vertelt Verkerk. Belangrijker is dat hij weet waar hij staat en hoe veel of weinig risico hij loopt.
Omdat Gerard Sueters al veel gezondheidsmaatregelen neemt, wil hij juist aan de hand van de scan wel eens zien of hij zou kunnen stoppen met BVD-vaccinaties. Het verschil blijkt aanzienlijk: de veiligheidsscore zou dan teruglopen van 80 naar 50. „Dat wil niet zeggen dat het dus niet kan”, legt zijn dierenarts uit.
„Dat moet iedere veehouder zelf weten. De één wil veel zekerheid, de ander vind dat minder belangrijk. Maar met deze scan weet hij wel waar hij staat, en kan hij bewust kiezen voor veel of weinig risico. Mocht hij weinig risico willen, dan biedt de analyse bovendien handvatten om aan te pakken.”
Tekst: José Bongen
Beeld: Ruth van Schriek