Biologisch bedrijf met 13.565 kilo melk per koe in 375 dagen

Met een productie van 13.565 kilo melk met 3,41 procent vet en 3,31 procent eiwit in 375 dagen staan de op biologische wijze gehouden koeien van Wytse Bouma in de jaarstatistieken van Melkcontrole Nijland. De veehouder melkt tweemaal daags en heeft de koeien de afgelopen jaren zo’n 240 dagen geweid. „De gehalten waren er nog niet, maar we zitten inmiddels op een productie van 36 kilo melk met 4,30 procent vet en 3,65 procent eiwit.” Bouma weet dat te realiseren zonder eiwit aan te kopen. Maïs en soja maken geen deel uit van het rantsoen.
Japan en Amerika
Bouma groeide op in Azië, waar zijn vader een van de grondleggers was van de buitenlandse vestigingen van CCF, een voorloper van FrieslandCampina. Nadat hij op 18-jarige leeftijd naar Nederland kwam, is hij na zijn studie voor Holland Genetics (de voorloper van CRV) gaan werken, waarvoor hij handel dreef met Japan, iets waarmee hij later ook voor zichzelf begon. En internationaal georiënteerd als hij was, importeerde hij lumitherm uit Amerika en realiseerde de veelzijdige ondernemer een aantal voornamelijk grootschalige stalinrichtingsprojecten in Nederland.
Op een gegeven moment werd Bouma door een Amerikaanse veehouder benaderd, die hem via zijn contacten op het spoor was gekomen, met de vraag of hij diens 750 koeien tellende bedrijf wilde overnemen. Zo stuurde Bouma van 2006 tot 2013 vanuit zijn woonplaats Sint Annaparochie een grootschalig bedrijf aan in de noordwestelijke staat Washington, aan de Canadese grens. Daar nam hij na slechte ervaringen afscheid van gmo-maïs en kwam hij tot de conclusie dat het in de rundveevoeding om verteerbare ruwe celstof gaat. „Maïs staat rechtop vanwege de lignine en lignine kan een koe niet verteren.”
Kruiden
Na zijn Amerikaanse avontuur was het de bedoeling om in Nederland, na afloop van het quotumtijdperk, koeien te gaan melken. De fosfaatrechten gooiden daarbij echter roet in het eten. Door de jaren heen is Bouma echter altijd nauw contact blijven houden met Kees van Velzen, de oud-exportdirecteur van Holland Genetics, en die liet eens vallen dat het melkveebedrijf van zijn neef Arno van Velzen in het Groningse Meedhuizen uit zijn jasje dreigde te groeien. „Arno molk 105 koeien en kampte met een overbezetting, waarop ik vroeg of ik niet wat koeien kon overnemen, om zo een tweede locatie voor hem te beginnen.” Vervolgens verhuisden er 27 koeien van Groningen naar Friesland.
Begin 2019 schakelde Bouma over naar een biologische bedrijfsvoering en ging de melk voortaan naar Eko-Holland, wat een verzelfstandiging van het melkveebedrijf betekende. „We zijn nu anderhalf jaar bezig met het voeren van kruiden en hebben in die periode slechts drie koeien moeten afvoeren met gemiddeld 71.500 kilo melk op de teller. Eentje had niet weg gehoeven, maar die was niet op tijd drachtig en ik had er eentje nodig voor in de vriezer.” Door de kruiden is Bouma bovendien alle voedingsstoornissen, waaronder melkziekte en ketose, kwijtgeraakt.
Compost
Bouma heeft geen drijfmest. Alle verse mest wordt vermengd met ‘ruig materiaal’ uit natuurgebieden, bermmateriaal en stro van akkerbouwers en via warme compostering in een maand omgezet in ‘voorverteerde stalmest, waar de grond direct iets mee kan’. De veehouder verkoopt de compost aan akkerbouwers. Het product is inmiddels al zo gewild, dat Bouma met een wachtlijst werkt.
Door zijn werkwijze kunnen Bouma en zijn gezin prima van de dertig koeien leven. De kosten zijn laag of worden zelfs in verdiensten omgezet. „Verder hebben we geen verliezen bij het vee, door zuiver voer, een stressvrije bedrijfsvoering, aandacht en als resultante een hoge productie”, stelt Wytse. „Dit is een vorm van paradijselijk boeren, we hebben het er ook niet druk mee.”
Lees ook de uitgebreide bedrijfsreportage in de decemberuitgave van vakblad Melkvee, die op donderdag 17 of vrijdag 18 december verschijnt (en klik hier om abonnee te worden).
Tekst: Anne Hiemstra
Beeld: A3impressies