Advocaat De Boer onderzoekt nieuwe procedure tegen Bayer

Het rapport werd onlangs per toeval ontdekt door de Zwolse boerenzoon Aart van 't Oever, die werkzaam is voor vaccinfabrikant Intravacc in Bilthoven. Hij vond in het archief van het Europees medicijnagentschap (EMA) een onderzoeksrapport uit 1999. Dat was op verzoek van de diergeneesmiddelencommissie van de EMA 15 jaar lang geheim gehouden.
Ondeugdelijke BVD-test
Het rapport onthult dat Bayer een ondeugdelijke test gebruikte om te checken of de grondstof voor het IBR-vaccin schoon was. De door Bayer gebruikte test moest besmetting met het BVD-virus aantonen. Werd er geen BVD gevonden, dan kon de fabrikant ervan uitgaan dat de grondstof (serum van ongeboren kalveren) zuiver was; vrij van virussen.
Echter, de test die Bayer gebruikte, bleek niet goed te functioneren bij met BVD besmet serum. BVD-antistoffen in het serum maskeerden als het ware het virus, waardoor de test ten onrechte een negatieve uitslag gaf.
Dat verklaart waarom een besmetting met BVD niet werd opgemerkt. Het is ook goed mogelijk dat er behalve BVD nog allerlei andere virussen in het serum aanwezig waren. Dat biedt volgens Van 't Oever en zeer aannemelijke verklaring voor het ontstaan van de slijterproblematiek, waar in 1999 zo'n 7.500 melkveebedrijven mee te maken kregen. Zij hadden allemaal met het vervuilde Bayer-vaccin hadden geënt.
Aansprakelijk stellen
Advocaat Hans de Boer is al vanaf begin deze eeuw met de zaak bezig. De Boer Egberts Advocaten heeft voor een groot aantal cliënten geprobeerd Bayer aansprakelijk te stellen op grond van het feit dat de werkinstructie bij het vaccin niet in overeenstemming was met de bijsluiter. Een expertpanel heeft zich daarover gebogen en geconcludeerd dat ze niet konden zeggen of de slijterproblemen daardoor werden veroorzaakt.
De Boer: „Ze konden niet zeggen dat het niet zo was, maar ook niet dat het wel zo was. Daar kon de rechter dus niets mee.” De proefprocedure werd daarmee in 2017 beëindigd.
Maar het recent opgedoken onderzoeksrapport biedt wellicht toch handvatten voor het opstarten van een nieuwe procedure, zegt De Boer. „Ik wil geen valse hoop wekken, maar ik ben aan het uitzoeken of we er nog iets mee kunnen.” De Boer heeft sinds 2000 ook om de vijf jaar de verjaringstermijn ‘gestuit’. Dat wil zeggen dat claims waarschijnlijk nog niet allemaal zijn verjaard, geeft hij aan. De betrokken veehouders krijgen binnenkort een brief met nadere informatie.
'Rug rechten!'
Ook Bennie Roozegaarde uit Zelhem laat weten dat hij het dossier weer wil heropenen. Hij is een van de bekende gedupeerde boeren uit die tijd. Hij had een topfokbedrijf met meer dan 240 dieren, waarvan hij er ruim 100 verloor.
Roozegaarde, die daarnaast als zelfzuivelaar destijds 55 supermarkten in heel Gelderland beleverde met dagverse zuivel, is als enige slijterbedrijf in Nederland geblokkeerd geweest. Gedurende 9 maanden, van eind november 1999 tot augustus 2000, mocht hij geen melk leveren of fokmateriaal verhandelen. Roozegaarde heeft al contact opgenomen met advocaat De Boer. „Ik ga ons dossier weer oppakken; we zullen de juiste stappen zetten. We gaan onze rug rechten!”
Lees meer in Melkvee
In de november-editie van vakblad Melkvee, die vandaag verschijnt, blikken Bennie Roozegaarde en Peter Franken terug op de IBR-affaire en Roozegaardes blokkade. De inmiddels gepensioneerde Peter Franken was destijds vanuit GD eindverantwoordelijke voor de verplichte IBR-bestrijding.

Tekst: Gineke Mons
Gineke Mons (1970) groeide op op een biologisch melkveebedrijf in Gelderland. Na haar studie journalistiek werkte ze 13 jaar bij het Agrarisch Dagblad. Sinds 2008 is ze freelance (landbouw)journalist, met het accent op veehouderij en diergezondheid.
Beeld: Privé archief Bennie Roozegaarde