LTO: Slacht van hoogdrachtige koeien is onwenselijk

Daarmee reageert de organisatie op een bericht van RTL Nieuws, die cijfers opvroeg bij de NVWA. Daaruit blijkt dat in 2018 tot oktober 176 waarschuwingen en 13 boetes zijn uitgedeeld aan veehouders die een hoogdrachtige koe (boven de 8,5 maand) voor de slacht hadden aangeboden.
„Koeien die meer dan 90 procent van de draagtijd hebben voltooid mogen niet meer worden vervoerd. Veehouders en transporteurs behoren dit te weten”, reageert de land- en tuinbouworganisatie. „Melkveehouders werken dagelijks aan het gezond en op orde houden van hun veestapel. Het is ongebruikelijk op het boerenbedrijf om hoogdrachtige koeien naar het slachthuis te brengen. Boeren hebben geen belang bij de slacht van drachtige koeien.”
‘Samen met sectorpartijen en overheid aan de slag’
LTO wil samen met andere sectorpartijen en de overheid aan de slag om te voorkomen dat hoogdrachtige koeien in het slachthuis terecht komen. Wel vindt de belangenorganisatie dat daarbij rekening gehouden moet worden met noodsituaties en bij gevallen waarbij de veehouder niet wist dat de betreffende koe al zo lang drachtig was. „Koeien zijn levende wezens en de natuur is niet altijd voorspelbaar, soms tonen dieren tegengesteld gedrag waardoor de boer op het verkeerde been wordt gezet. Als een stier een koe heeft bevrucht, is het voor een boer lang niet altijd duidelijk hoe ver een koe is in de dracht. Hij is zich dan niet bewust van de hoogdrachtigheid van de koe. Andere reden kan zijn dat er sprake is van een noodsituatie. Denk bijvoorbeeld aan een situatie die ernstig afbreuk doet aan het welzijn van de koe.”